Oude lesbienes huize marleen rotterdam

Tegelijk arriveerden korreltjes die de narcoticabrigade nog niet kende: De veranderingen waren meteen merkbaar bij Apotheek Van der Meulen op de Geldersekade, anno Henny Rasker was er van tot de apothekeres. Een beetje rauwer dan de Jordaan waar ik eerder werkte, maar vergelijkbaar. We hadden een heel gemengde klantenkring: Die hoerenmadammen waren een apart slag.

Zij hadden gezag en eigen boodschappertjes. In de Lange Niezel begon in die tijd de neergang; het waren slechte huizen, ouderwets en donker. Maar er stonden nog gewone winkels. De eigenaresse van een café daar kreeg de minachting van de buurt over zich heen door met een Surinamer te trouwen. Dat deed je niet. Na greep de verslaving om zich heen. Dat gold ook voor de hoeren.

Je zag ze in een paar jaar verschrikkelijk achteruitgaan. Dealers en junks gingen het straatbeeld bepalen.

Er werd zwaar gehandeld — en Duitse ouders kwamen hier hun verdwenen kinderen zoeken. Al was men op de Wallen wel wat rare snuiters gewend, toch wekten de drugsgebruikers angst: De apotheek verkocht schone spuiten, maar daar was geen begrip voor; men dacht dat dit de verslaving in gang hield. Politiebureau Warmoesstraat vroeg de apothekeres af en toe uitleg over de werking van verslaving. Bij zijn kennismakingsronde door de buurt in met de chef van Bureau Warmoesstraat zat hoofdcommissaris Nordholt een tijdje achter het hoge raam van de apotheek, om ongezien de verslaafden op de Geldersekade te bestuderen.

Vanaf rukte ook de aids op: Maar toen Rasker in vertrok was aids gelukkig niet meer per se dodelijk en heroïne iets voor losers. Dé drug was nu cocaïne. Opheffing van het bordeelverbod leek een oplossing: Door afspraken en een gemeentelijk vergunningenbeleid zou de controle worden vergroot. Maar de branche paste zich geraffineerd aan de nieuwe situatie aan, zo bleek tien jaar later. En de onderbezette zedenpolitie was onmachtig tegenspel te bieden.

Helaas verplaatste een deel van de ellende zich naar de Lange Niezel. Sommige bovenverdiepingen van de huizen worden gebruikt voor kamerverhuur of illegale hotels, vaak bewoond door Oost-Europese sekswerkers. Veel bovenhuizen staan leeg en zien er mistroostig uit. Inmiddels hebben de gemeente en stadsdeel Centrum een nieuw totaalplan opgesteld om de verloedering van de Wallen terug te dringen: Coalitieplan , naar de postcode.

Achttien bovengemiddeld zorgelijke straten en stegen, waaronder de Lange Niezel, krijgen speciale aandacht. Prioriteit ligt bij het terugdringen van het aantal bordelen en coffeeshops, ook omdat op dat terrein de gemeente de sterkste machtsmiddelen heeft. Eerst wordt bekeken of exploitatievergunningen worden gebruikt voor illegale activiteiten zoals het witwassen van zwart geld.

In het geval van Jan Venekamp kon dat niet worden aangetoond; hij behield zijn vergunningen. Dan probeert men de eigenaar van sekspanden uit te kopen. Bij een aantal vastgoedhandelaren lijkt dat te lukken - voor heel veel geld — behalve bij Venekamp. De familie weigert iedere verkoop. De slagerij heeft hij inmiddels gesloten. Het is nu een souvenirshop. Wel kocht de gemeente via corporatie van pandjesbaas Dick Holtman nummer 25, nu nog met coffeeshop Highway.

Volgens Coalitieplan moeten uiteindelijk alle drie coffeeshops in de Lange Niezel verdwijnen. Wel zo realistisch, vindt Van Blokland: Het zou alleen een beetje geordend moeten worden. Aanpak van de overige ranzige handel in de Lange Niezel is overigens een stuk lastiger.

Als de ondernemers daar niet zelf aan meewerken, moet het bestemmingsplan worden gewijzigd en dat is een zware procedure. Een straatje als dit vol historie, dat bijna geheel bestaat uit rijks- en gemeentemonumenten, verdient toch zeker een mooie toekomst. In de jaren zestig en zeventig had de Amsterdamse politie een beroerde reputatie: De omslag kwam tijdens het burgemeesterschap van Ed van Thijn We vroegen het hemzelf.

Op 16 juni werd Ed van Thijn geïnstalleerd als burgemeester. Amsterdam is mijn eigen stad, met zijn joodse traditie. De stad van de Februaristaking. Maar mijn trots had een rouwrand. Het klinkt wat pathetisch, maar ik heb altijd bedacht: De strijd tegen discriminatie en voor verdraagzaamheid is een rode draad in mijn bestaan.

Maar tolerantie betekent natuurlijk niet dat alles mag. Op een mooie zomerdag praat de oud-burgemeester in zijn tuin in de Concertgebouwbuurt openhartig over de problemen met de openbare orde en de criminaliteit waarmee hij als burgemeester werd geconfronteerd. Maar zijn gezag is niet absoluut. De politie heeft namelijk twee bazen: Juist in Van Thijns jaren werd duidelijk dat die strakke taakafbakening in de praktijk moeilijk houdbaar was.

Tot hoefde de burgemeester over het politiebeleid formeel geen verantwoording af te leggen aan de gemeenteraad. Daarover had de jonge Van Thijn, PvdA-raadslid van tot , het al in juni aan de stok met burgemeester Gijs van Hall. In ieder geval achteraf moet de raad het beleid kunnen toetsen, betoogde Van Thijn, maar Van Hall zag daar niets in, en zijn opvolger Ivo Samkalden evenmin. Toen het daarbij ernst werd, deed de politie niets, bij gebrek aan expliciete orders van de burgemeester.

Een burgemeester moet altijd bereikbaar zijn! De Commissie Enschede kwam met een schokkend rapport. De politie bleek totaal niet op haar taak berekend. Het was een centralistisch apparaat, amper aanwezig op straat.

Hoofdcommissaris Van der Molen en burgemeester Van Hall werden allebei ontslagen. Voor de anderszins zeer bekwame Van Hall was dat een drama — maar zeker niet voor het openbare-ordebeleid, meent Van Thijn. En Van Hall had bar weinig belangstelling voor de politie. Tussen en , in zijn Haagse jaren als Tweede-Kamerlid en minister, was zijn woonplaats Amsterdam voor Van Thijn geestelijk ver weg, bekent hij.

Maar nee, op de Zeedijk kwam ik nooit. Ik moest dat oplossen. Bij de inhuldiging van Beatrix in hadden we die vreselijke rellen gehad. Maar tegelijk wilde ik aan de geweldsspiraal een eind te maken. Testcase werd in februari de ontruiming van het gekraakte pand van tapijtenfirma Wyers op de Nieuwezijds Voorburgwal.

We brainstormden met een aantal creatieve mensen van de politie. Hoe konden we de ontruiming anders aanpakken, zonder groot geweld? Tot dan toe gebeurden ontruimingen bij verrassing: Maar daarna ontstonden steeds grote vechtpartijen op straat.

De politie vond dat te lang duren. Maar ik wilde zien wie de langste adem had. Om half twaalf liep het gebouw leeg. De krakers moesten pissen. Van Thijn erfde een tweede groot probleem: Al op zijn eerste werkdag bezocht hij politiebureau Warmoesstraat. De verloederde Zeedijk was het domein van dealers en junks. Van Thijn wist niet wat hij zag: Maar ze terroriseerden wel de buurt en die agenten voelden zich door iedereen in de steek gelaten.

Ze hadden veel te weinig personeel en bevoegdheden. Bureau Warmoesstraat kreeg meer personeel en er kwamen samenscholingsverboden. Ze mochten geen rustig moment meer hebben.

En als ze hun heil verderop zochten, volgden we ze. Tegelijk zorgden we voor een geïntegreerd drugsbeleid. Dat hield in dat de politie, de GGD en de jeugdhulpverlening en de Jellinek samenwerkten. We gingen methadon verstrekken, maar wie dat wilde hebben moest zich registreren. Zo werden de verslaafden bij ons bekend en konden we de Amsterdamse verslaafden onderscheiden van de buitenlandse.

Die laatsten kregen geen methadon en gingen het land uit. Wanneer hij het stadhuis op de Oudezijds Voorburgwal uitstapte, struikelde de burgemeester al over de junks. Ja, hij zag alles, erkent Van Thijn, maar hij had formeel weinig machtsmiddelen.

Ik liet me met opgestroopte mouwen fotograferen op de Pillenbrug vlakbij het stadhuis, waar toen dag en nacht xtc-pillen werden verkocht. Een uur later hing de minister aan de telefoon. Maar nu zat ik wel meteen met hem aan tafel. Amsterdam kreeg meer agenten, maar niet van harte. De minister had een gelijkheidssyndroom: Terwijl Amsterdam domweg veel en veel grotere problemen had dan de rest. Grote ergernissen bleven het cellentekort en het feit dat Justitie nauwelijks werk maakte van de vervolging van opgepakte dealers, straatrovers en oplichters.

De meesten stonden de volgende dag weer op straat. Juridisch waren dat individuele zaken, betoogde Justitie, daar moest de burgemeester zich buiten houden. Er was weliswaar al meer georganiseerd overleg tussen de politiebazen dan in de tijd van Van Hall. Sinds omstreek bestond een periodiek Driehoeksoverleg tussen de burgemeester, politiechef en hoofdofficier van Justitie. Daarin vond Van Thijn hoofdcommissaris Jaap Valken gelukkig aan zijn kant. Van de afstandelijker hoofdofficier Cees van Steenderen kreeg hij minder steun.

Veel veranderingen kwamen in een stroomversnelling toen de Groningse hoofdcommissaris Eric Nordholt in de Amsterdamse politiebaas werd.

Als jong hoofdinspecteur schreef nieuwlichter Nordholt in al met enkele geestverwanten het rapport Politie in verandering, waarin zij pleitten voor een rol van de politie in de maatschappelijke vernieuwing en concreet de oprichting van wijkteams. In een jenever-overgoten nachtelijk kennismakingsgesprek haalde Van Thijn hem over naar Amsterdam te komen. Zij werden een hecht koppel. Maar hij permitteert zich ook enkele relativeringen. Dat komt doordat Nordholt net deed of de geschiedenis pas begon toen hij aantrad.

Maar Valken zette de grote verandering in gang; later heeft Nordholt die daadkrachtig uitgevoerd. Hij was misschien iets te vaak op televisie, maar dat vond ik niet erg; dan hoefde ik wat minder! De filosofie was dat de politie weer zichtbaar moest zijn.

Dat was een enorme ingreep, die intern veel weerstand opriep, ook omdat wij aan alles te kort hadden. De stad Amsterdam had toen maar agenten. Nu zijn dat er in de Maar nu hebben we de wijkagenten. Ik heb ze wel eens de sociale architecten van de stad genoemd.

Na het laatste grote kraakoproer in Staatsliedenbuurt kwam de strijd tegen de steeds grootschaliger criminaliteit voorop te staan. Ze hadden al die groepen in kaart gebracht. Dat was zo indrukwekkend. De toename daarvan viel min of meer samen met de grote immigratiegolf na Wij wilden er eerst een eigen reactie aan toevoegen: Maar vertel dat maar eens aan de slachtoffers. De politie hield het tumult niet in de hand.

Ik ben daar met knikkende knieën naartoe gegaan. Er stond een uitzinnige menigte. Die schold mij verrot. Ik had de buitenlanders binnengehaald en de Amsterdammers in de steek gelaten. Ik heb dat een half uur over mee heen laten komen. Ik deel uw ongelofelijke woede. De daders worden opgespoord en gestraft. Maar ik wil óók opmerken: Daar moet u óók naar luisteren.

Terugblikkend bekent Van Thijn spontaan dat hij destijds niet voorzag dat de problemen met allochtone jongeren zo groot en zo hardnekkig zouden zijn.

En dat geldt gezien de aanhang van Wilders ook voor de polarisatie tussen de bevolkingsgroepen. Het brengt ons terug bij het belang van tolerantie en het klimaat waarin die gedijt. Tolerantie is iets anders dan alles goed vinden.

Dat soort onverschilligheid leidt snel tot onveiligheid en dus angst. En bange mensen zijn niet tolerant. Amsterdam had in drie burgemeesters. Het was het jaar waarin Schelto Patijn de opvolger werd van Ed van Thijn. En de derde burgemeester? Dat was Marleen Stikker: De Digitale Stad zette Amsterdam op de digitale wereldkaart. Het was immers een van de eerste mogelijkheden voor gewone burgers om kennis te maken met de zegeningen van internet.

Dat bestond in weliswaar al anderhalf decennium, maar was buiten het domein van wetenschap nog nauwelijks bekend. En vrijwel niemand had zelfs maar bij benadering een vermoeden hoe ingrijpend internet het dagelijks leven zou veranderen. Niemand, behalve dan misschien Marleen Stikker en haar bentgenoten. Zij waren immers een clubje vreemde eenden in de prille internetbijt: Sociale netwerken, het buzzword van , waren voor Amsterdam in al de crux van het internet.

Dat komt doordat de Amsterdamse internetpioniers geen nerds waren, althans niet uitsluitend. Veeleer was het een groepje van hele of halve kunstenaars, krakers en andere activistische types. Een typisch zootje Amsterdams ongeregeld kortom, waarvoor je tegenwoordig niet gemakkelijk meer de handen op elkaar zou krijgen. Velen zijn overigens uiteindelijk heel behoorlijk terechtgekomen — dank u.

In dat wereldje kende iedereen Marleen Stikker. Stikker kwam uit een milieu dat je gerust non-conformistisch zou kunnen noemen. Ze werd in geboren in Groningen. Haar vader was Uipco Stikker. Hij heeft geëxposeerd met visuele poëzie.

Hij was echt een erudiet, een bekende figuur ook in Groningen. Haar moeder is Gerda Meijerink, vertaalster Duits en publiciste. Dat zij docente germanistiek was aan de Utrechtse universiteit, en tegelijkertijd onderwijskunde doceerde aan de Universiteit van Amsterdam, brachten moeder en dochter naar Amsterdam.

Haar vader niet, want haar ouders leefden gescheiden. Geen wonder dus dat schrijven lange tijd een perspectief vormde. Ik denk dat ik erg door mijn vader beïnvloed was, in de zin dat ik naar echte kennis op zoek was en niet alleen maar naar meningen of emoties.

Helemaal aan de verwachtingen voldeed de filosofiestudie niet. Met een groep studenten vormde Stikker een club Amfibi die zelf het onderwijs vormgaf. Dat ging allemaal goed totdat ik last kreeg van uittredingen. Ik wil midden in het leven staan, en niet alleen in de reflectie zitten. In plaats daarvan raakte Marleen Stikker verzeild in de wereld van het tegendraadse theater. De tijdschriftenwereld was in heftige beroering door de opkomst van desktoppublishing. Het waren vooral de kleinere onafhankelijke tijdschriften die daarmee aan de slag gingen.

Misschien wel het allereerste dtp-programma in Amsterdam was in gebruik bij het Shaffy Theater. Een mooie tijd, met die prille mediacultuur in de stad. In dat wereldje heb ik een tijd rondgewandeld. Drukkerijen zoals de Raddraaier, Primavera; autonome theaters zoals het Ostadetheater, het Veemtheater, The Bank op de Haarlemmerstraat, het Amfitheater in Paviljoen 1 — kortom wat indertijd het derde circuit werd genoemd.

Ze leefde in die tijd, vertelt ze zonder blikken of blozen, van een uitkering. Eigenlijk waren het innovatiegelden; het hele circuit draaide erop. Ik heb wel eens gezocht naar banen, maar die waren er gewoon niet. Ik hoor bij de generatie waar niemand op zat te wachten.

Er was in die tijd helemaal geen perspectief op werk. Iedereen was zijn eigen economische activiteit aan het zoeken. Je kunt wel zeggen dat in dat circuit de creatieve industrie in de stad geboren is. En ze woonde zeker in een kraakpand? Ik heb wel her en der geholpen, maar bij grote kraakacties was ik niet betrokken. Ik had alleen kantoor in een gekraakt woon-werkpand op het WG-terrein. Inmiddels hebben ze samen twee dochters: Zwaantje van 7 en Rokko van 5.

Ze wonen in de Jordaan. Bij het fraais dat Amsterdam in de late jaren tachtig te bieden had hoorde ook de hackerscultuur. Jongens, voornamelijk, die de gevestigde orde regelmatig aan het schrikken maakten door apparaten creatief en grondig aan te passen. Hoogtijdag van de hackerscultuur was de manifestatie Hacking at the End of the Universe in Lelystad, De autoriteiten keken bezorgd toe naar wat dat zootje ongeregeld in de polder uitspookte.

Marleen Stikker was erbij, en haar ogen beginnen te glimmen als ze eraan terugdenkt: Er waren wel wat voorbeelden in de Verenigde Staten Freenets, sinds al maar het idee om op internet een virtuele stad te presenteren was nieuw.

Wij wilden geen informatiesysteem maken, maar een ervaring. Wat valt er te ontdekken? De gemeenteraadsverkiezingen van vormden een mooie kapstok voor een experiment. Stikker stuurde een nota naar ambtenaren die hem soms maar half begrepen. Desondanks kwam er financiering los van de gemeente en van twee ministeries. Marleen Stikker en de jarige hacker Felipe Rodriquez haalden nachten door om De Digitale Stad te bouwen — op een verdieping boven het Spaanse restaurant Centra aan de Lange Niezel, waarvan Rodriquez eigenaar was.

En op 15 januari was het zover: Dat De Digitale Stad een succes was, is zwak uitgedrukt. Hoewel bij de aanvang nog maar een paar honderd particulieren in Nederland toegang hadden tot internet, ontstond er bijna virtuele woningnood, zo snel stroomden de bewoners toe, met duizenden tegelijk.

Niet in de laatste plaats waren ze geïnteresseerd in het virtuele Centraal Station, dat toegang bood tot het wereldwijde web. Ook organisaties en bedrijven vestigden zich aan de virtuele straten en pleinen van de stad van burgemeester Stikker: Aan het einde van de subsidieperiode was de conclusie onontkoombaar dat het niet bij een paar weken experimenteren kon blijven: De Digitale Stad bleef bestaan. Door het leveren van diensten en adviezen op de prille internetmarkt kon de stad — een stichting inmiddels — zichzelf bedruipen.

Er werden nieuwe, telkens weer wat betere wijken en voorzieningen toegevoegd. In andere steden — Rotterdam, Leiden, Eindhoven — werd het voorbeeld gevolgd. Maar er kwam een einde aan de pret. Niet in de laatste plaats door de opkomst van XS4ALL, de mede door Felipe Rodriquez in het leven geroepen provider voor iedereen, werd rondstruinen op internet veel toegankelijker en bleek er buiten De Digitale Stad nog heel wat te beleven op het wereldwijde web.

De Digitale Stad bestaat nog steeds, maar als doodgewone, commerciële internetprovider. Nu is het all over the place. Wij hebben het altijd gezien als een sociaal medium. Inmiddels troont de moeder van de creatieve industrie een typering van burgemeester Job Cohen bovenin het Waaggebouw op de Nieuwmarkt. Ze is oprichtster samen met Caroline Nevejan en directeur van wat aanvankelijk de Maatschappij voor Oude en Nieuwe Media heette, en tegenwoordig de Waag Society. Marleen Stikker is een spin in het web van de Amsterdamse multimediawereld en opgenomen in het establishment.

Mijn aandacht is verplaatst van het creëren van een stadscultuur op internet naar hoe de echte stad beleefd wordt en de rol van de media daarin. Dat leidde bijvoorbeeld tot de Verhalentafel, een multimedia-meubel waarmee ouderen herinneringen kunnen ophalen en bewaren.

In konden bewoners van het Twiskehuis in Amsterdam-Noord er kennis mee maken en inmiddels staan er ruim 75 exemplaren van het prijswinnende object overal in Nederland. Zo heeft de Waag Society, meestal samenwerkend met andere organisaties, tal van projecten voor gezondheidszorg, cultuur, samenleving, onderwijs en duurzaamheid.

Ruim 50 mensen werken er. Sinds een jaar of drie is er een filiaal in Pakhuis de Zwijger aan de Oostelijke Handelskade. Daar zit het Mediagilde, een broedplaats voor veelbelovende starters op multimediaal gebied. En een tweede filiaal, het futuristische gebouw Dutchdock, in de vorm van een schip op de helling op het NDSM-terrein, staat op de tekentafel.

Een kwart eeuw stadsvernieuwing heeft de Bijlmer onherkenbaar veranderd. De helft van de hoogbouw is gesloopt. Veel dreven zijn verlaagd. De Bijlmer krijgt de trekken van een gewone stadswijk met een vleugje Vogelaar. Hij schildert op deze zomerse dag enkele kasten voor zijn deur in de Bijlmer. Vrienden waarschuwden hem voor criminaliteit toen hij vorig jaar zijn studio in de flat Kruitberg betrok.

Het is echt een verouderd beeld dat de Bijlmer lang blijft achtervolgen. Nu op de stoep voor zijn nieuwe studio. Wie midden door de Bijlmer loopt, raakt onherroepelijk onder de indruk van de veranderingen. Enkele bekende honingraatflats zijn grondig gerenoveerd. Zelfs de grootste pessimisten beginnen verliefd te raken op de veelbekritiseerde flats. De buurt met de behouden hoogbouw wordt nu het Bijlmermuseum genoemd. De geschiedenis van 25 jaar Bijlmervernieuwing laat zich in enkele trefwoorden samenvatten: Het begint in Na een lange dronkenmanstocht staat de Bijlmer aan het ravijn.

De criminaliteit is hoog, het imago slecht, de leegstand groter dan ooit. Een kwart van de Woningcorporatie Nieuw Amsterdam dreigt bij gebrek aan huurpenningen failliet te gaan. Vrijwel niemand wil in de Bijlmer wonen. De Amsterdamse middenklasse verhuist nog liever naar Almere. De Bijlmer wint alleen nog aan populariteit onder junks, weggejaagd van de Zeedijk die zojuist is schoongeveegd. Het stadsbestuur en de woningcorporatie zoeken midden jaren tachtig naar een structurele oplossing.

In navolging van de beruchte flat Gliphoeve worden ook andere flats opgeknapt. Diverse woningen worden gesplitst, de lange galerijen worden onderbroken en de grijze gevels krijgen een vrolijk kleurtje.

En er wordt vergaderd, héél veel vergaderd. De vernieuwing is volgens hem ernstig vertraagd door de vorming van de logge woningcorporatie Nieuw Amsterdam in en de stadsdeelraad Zuidoost in Al dat geleuter maakt de wijk niet noodzakelijk beter. De Bijlmer is nog meer dan andere wijken op rapporten gebouwd. Het duurt tot voordat de gemeenteraad, het stadsdeel en de woningcorporatie besluiten wat in voor het eerst is geopperd: De Bijlmer kan alleen tot een sociaal veilige wijk worden gesmeed als een deel van de anonieme hoogbouw wordt vervangen door eengezins- en portiekwoningen.

Deze visie wordt vastgelegd in het rapport De Bijlmermeer blijft, veranderen en nader uitgewerkt in het rapport Werk met werk maken Na negen jaren van woorden volgen in daden. Eerst begint de renovatie van de flat Hoogoord en later in dat jaar start de sloop van de flat Geinwijk en enkele omringende parkeergarages. Twee jaar later gaat ook de flat Gerenstein tegen de vlakte. De nieuwbouw volgt relatief snel.

Tussen en trekken de bewoners in hun nieuwe woningen in Nieuw Geinwijk en Nieuw Gerenstein. Juist rond de tijd dat zijn levenswerk wordt afgebroken, ontvangt Bijlmer-ontwerper Siegfried Nassuth een belangrijke oeuvreprijs. In het openbaar houdt hij zich stil. Behalve flats en garages wordt ook de Bijlmerdreef afgebroken. Deze hooggelegen weg wordt een gewone laan; de vele viaducten worden gewone kruispunten. Hoewel de sloop van de oude flats de meeste aandacht krijgt, heeft de afbraak van de dreef goed beschouwd de meeste impact op de wijk.

Voetgangers mengen zich voortaan met automobilisten. De functionele stad die de stedenbouwkundigen in de jaren zestig bedachten, krijgt de trekken van een Vinex-wijk.

Rond de eeuwwisseling wordt besloten dat nog eens een kwart van de hoogbouw wordt vervangen door nieuwbouw. De afspraken worden vastgelegd in het Finale plan van aanpak Mensen wonen nu in herkenbare buurtjes. Ze ontmoeten elkaar op straat, leren elkaar kennen, organiseren buurtfeestjes. Ik loop er met veel plezier rond.

Het is ontzettend mooi geworden. Wie nu van buurt naar buurt loopt, ziet meer werk in uitvoering dan je zou mogen verwachten in een wijk die volgens het Finale plan in klaar zou moeten zijn. Er wordt in de zomer van gesloopt bij Egeldonk, gebouwd langs de Bijlmerdreef, bestraat in Evergreen, eindelijk gewerkt aan het winkelcentrum bij Kraaiennest en veel vergaderd over de toekomst van Kleiburg.

Er is kortom nog enorm veel werk te doen. De laatste sloopflats gaan volgend jaar tegen de vlakte en de helft van de 7. De deadline is dan ook verschoven van naar Stadsvernieuwer Verhagen, die na de Bijlmer de succesvolle transformatie van het Westerpark leidde, meent dat de vernieuwing van de Bijlmer sneller had gekund. Hij ziet in de de wijk beslist mooie dingen gebeuren. Ik kan me niet voorstellen dat ik vijftien jaar in die slooprotzooi had moeten wonen in afwachting van betere tijden.

Het duurt echt allemaal veel te lang. Het verbaast me dat in al die jaren niemand in het stadsbestuur is opgestaan met de boodschap: Dit loopt uit de klauwen. Stadsdeelwethouder Verdonk verwerpt de kritiek: Soms kan het gewoon niet sneller.

Ook in de Bijlmer draaien veel partijen aan de knoppen: Het proces dat daarop volgde, had gewoon zijn tijd nodig. Voorstanders van de oude Bijlmer bleven zich ook binnen de politieke partijen lang roeren. De wethouder herinnert zich een periode van drie maanden waarin avond na avond werd vergaderd.

Fouten in de besluitvorming zijn door kritische bewoners aangegrepen voor lange juridische procedures. Het is volgens haar naïef te denken dat de Bijlmer sneller had kunnen worden vernieuwd, al begrijpt ze het actuele ongeduld van bewoners over de trage totstandkoming van het nieuwe winkelcentrum bij Kraaiennest en de slepende gesprekken over de flat Kleiburg.

Wat ik lastig vind, is dat sommige bewoners de bouwput gedurende lange tijd bijna letterlijk om hun flat zien trekken. Voor die mensen moeten we ons stinkende best doen zo snel mogelijk te werken. De vernieuwing mag dan trager verlopen dan menigeen wil, de resultaten zijn beslist bemoedigend. De drugsoverlast ligt sinds op het niveau van heel Amsterdam, blijkt uit de Bijlmermonitor die onderzoekers begin in opdracht van het stadsdeel publiceerden.

Verslaafden zwerven niet langer in groten getale over straat. Het aantal aangiftes van strafbare feiten is sterk gedaald.

Niet dat overal de zon schijnt. De Bijlmer is twee jaar geleden door de toenmalige minister Ella Vogelaar opgenomen in haar lijstje van veertig 'krachtwijken'.

De werkloosheid is daar hoger dan elders en de criminaliteit hardnekkiger. Ondanks zulke tegenslag begint volgens de Bijlmer-bestuurders het glas meer dan half vol te raken.

Een begin van groter elan lijkt de laatste tijd te ontstaan. De nieuwe lanen die de kilometerslange dreven vervangen, worden al vergeleken met die van Berlage. Bewoners blijven langer wonen in de wijk. De samenstelling van de buurt verandert. De Bijlmer is de eerste Amsterdamse wijk waar een zwarte middenklasse ontstaat. Nieuwkomer Paul Salomons, die vandaag op de stoep zijn kasten schildert, blijkt architect.

Aan de muur van zijn kantoor hangt zijn opvallende ontwerp voor een torenhoge flat plus drive-in-woningen aan de nabijgelegen Karspeldreef. De eerste paal laat lang op zich wachten. Als het economisch tij meezit, wordt deze in de loop van september geslagen. Er moet nog veel gebeuren. Geen geld voor een bruggetje? Dat is wel heel klein gedacht. Jammer, vind ik dat. De dogmatische idealist Siegfried Nassuth en zijn collega's van de dienst Stadsontwikkeling ontwerpen midden jaren zestig de Bijmer.

Ze volgen de principes van de functionele stad van de Zwitserse architect Le Corbusier. Wonen, werken, reizen en recreëren worden in de wijk strikt gescheiden. Al snel ontstaan echter de eerste problemen.

De flats zijn slecht opgeleverd. De huren zijn hoog, deels door de half lege parkeergarages. In alle rust maakt u in onze ontvangstkamer een keuze tussen de dames.

Ervaar met hen een echte vriendin-ervaring, mogelijkheden voor intiem, frans, zoenen, hand-massage en erotische massage. Of kom heerlijk relaxen in ons 4-persoons Bubbelbad en genieten van één of meerdere dames. Elke dag open van 12 tot 22 uur. Je kan ook bellen en een afspraak maken, ongeacht het tijdstip. Vijverhofstraat a in Rotterdam, vijf minuten vanaf het centrum. Openingstijden Maandag van Bekijk hier onze dames: Estefania 24cm Privé Ontvangst.

Geen Faker Jason Privé Ontvangst. Poesje Likken, Billen likken ;? Laatst bekeken Huize Marleen - Privehuis met klasse - Dames altijd welkom. Nieuwste Voice Ads Emily - Kom laat me je verwennen!! Tscindy - de koningin van de melk!!! Misael latino top - Top horny and strong. Lola - Fetisjen en

Neuk me maar vingeren in bos

Ik heb de algemene voorwaarden van Midhold B. Email adres Wachtwoord Onthouden. De prostitutie marktplaats van de Benelux". Home seksbedrijven privehuis rotterdam. Veilig afspreken Kinkyplay Webcam bordeel Hookers. Profiel Foto's Video's Mail ons Recensies. Telefoonnummers van adverteerders op Kinky worden altijd gratis getoond. Huize Marleen - Privehuis met klasse - Dames altijd welkom 31 maart.

U wordt warm en vriendelijk ontvangen door de gastvrouw met een kopje koffie of een frisdrankje. In alle rust maakt u in onze ontvangstkamer een keuze tussen de dames. Ervaar met hen een echte vriendin-ervaring, mogelijkheden voor intiem, frans, zoenen, hand-massage en erotische massage. Of kom heerlijk relaxen in ons 4-persoons Bubbelbad en genieten van één of meerdere dames.

Elke dag open van 12 tot 22 uur. Je kan ook bellen en een afspraak maken, ongeacht het tijdstip. Vijverhofstraat a in Rotterdam, vijf minuten vanaf het centrum. Openingstijden Maandag van Sex fun mobiel nederlandse sexvideo by: Sex date almere lekkere vrouwtjes by: Nederlandse pornosite massege and sex by: Erotische massage aangeboden gratis lange sexfilm by: Happy end massage sex contact by: Buitensex video erotic massage netherlands by: Grat is porno sex chat roomd by: B2b massage eindhoven lekker gratis adverteren by: Ertik chat nederlandse seksfilm by: Porno filpjes erotische lingam massage by: Sex gratis online privehuizen arnhem by: Vagina n sexfilm gratis by: Erotische massage vilvoorde sex contact amsterdam by: Sex speelfilms erotisch massage voor vrouwen by: Eindhoven prive ontvangst sex filma by: Kinkt sex sex huis amersfoort by: Erotische thai massage chemnitz massage films by: Gratis filmpjes nl happy endung massage by: Escort dames amsterdam erotiek advertentie by: Mooiste meisjes ter wereld speurders escort by: Dating sex porno vagina sex by: Erotische massage siegen alleenstaande moeder zoekt sex by: Klinky sex sexe nl by: Gratis harde porno prive ero massage by: Posts navigation 1 2 Next.

Letzte Artikel Nederlandse porna erotische massage in brabant Beste gratis porno site tantra massage overijssel Ero thai massage download sex film Sex maassluis film erotische massage Happy ending massa escort sex


Tegelijk arriveerden korreltjes die de narcoticabrigade nog niet kende: De veranderingen waren meteen merkbaar bij Apotheek Van der Meulen op de Geldersekade, anno Henny Rasker was er van tot de apothekeres. Een beetje rauwer dan de Jordaan waar ik eerder werkte, maar vergelijkbaar. We hadden een heel gemengde klantenkring: Die hoerenmadammen waren een apart slag. Zij hadden gezag en eigen boodschappertjes. In de Lange Niezel begon in die tijd de neergang; het waren slechte huizen, ouderwets en donker.

Maar er stonden nog gewone winkels. De eigenaresse van een café daar kreeg de minachting van de buurt over zich heen door met een Surinamer te trouwen. Dat deed je niet. Na greep de verslaving om zich heen. Dat gold ook voor de hoeren. Je zag ze in een paar jaar verschrikkelijk achteruitgaan.

Dealers en junks gingen het straatbeeld bepalen. Er werd zwaar gehandeld — en Duitse ouders kwamen hier hun verdwenen kinderen zoeken. Al was men op de Wallen wel wat rare snuiters gewend, toch wekten de drugsgebruikers angst: De apotheek verkocht schone spuiten, maar daar was geen begrip voor; men dacht dat dit de verslaving in gang hield.

Politiebureau Warmoesstraat vroeg de apothekeres af en toe uitleg over de werking van verslaving. Bij zijn kennismakingsronde door de buurt in met de chef van Bureau Warmoesstraat zat hoofdcommissaris Nordholt een tijdje achter het hoge raam van de apotheek, om ongezien de verslaafden op de Geldersekade te bestuderen. Vanaf rukte ook de aids op: Maar toen Rasker in vertrok was aids gelukkig niet meer per se dodelijk en heroïne iets voor losers.

Dé drug was nu cocaïne. Opheffing van het bordeelverbod leek een oplossing: Door afspraken en een gemeentelijk vergunningenbeleid zou de controle worden vergroot. Maar de branche paste zich geraffineerd aan de nieuwe situatie aan, zo bleek tien jaar later.

En de onderbezette zedenpolitie was onmachtig tegenspel te bieden. Helaas verplaatste een deel van de ellende zich naar de Lange Niezel. Sommige bovenverdiepingen van de huizen worden gebruikt voor kamerverhuur of illegale hotels, vaak bewoond door Oost-Europese sekswerkers. Veel bovenhuizen staan leeg en zien er mistroostig uit.

Inmiddels hebben de gemeente en stadsdeel Centrum een nieuw totaalplan opgesteld om de verloedering van de Wallen terug te dringen: Coalitieplan , naar de postcode. Achttien bovengemiddeld zorgelijke straten en stegen, waaronder de Lange Niezel, krijgen speciale aandacht. Prioriteit ligt bij het terugdringen van het aantal bordelen en coffeeshops, ook omdat op dat terrein de gemeente de sterkste machtsmiddelen heeft.

Eerst wordt bekeken of exploitatievergunningen worden gebruikt voor illegale activiteiten zoals het witwassen van zwart geld. In het geval van Jan Venekamp kon dat niet worden aangetoond; hij behield zijn vergunningen. Dan probeert men de eigenaar van sekspanden uit te kopen. Bij een aantal vastgoedhandelaren lijkt dat te lukken - voor heel veel geld — behalve bij Venekamp. De familie weigert iedere verkoop.

De slagerij heeft hij inmiddels gesloten. Het is nu een souvenirshop. Wel kocht de gemeente via corporatie van pandjesbaas Dick Holtman nummer 25, nu nog met coffeeshop Highway. Volgens Coalitieplan moeten uiteindelijk alle drie coffeeshops in de Lange Niezel verdwijnen. Wel zo realistisch, vindt Van Blokland: Het zou alleen een beetje geordend moeten worden. Aanpak van de overige ranzige handel in de Lange Niezel is overigens een stuk lastiger.

Als de ondernemers daar niet zelf aan meewerken, moet het bestemmingsplan worden gewijzigd en dat is een zware procedure. Een straatje als dit vol historie, dat bijna geheel bestaat uit rijks- en gemeentemonumenten, verdient toch zeker een mooie toekomst. In de jaren zestig en zeventig had de Amsterdamse politie een beroerde reputatie: De omslag kwam tijdens het burgemeesterschap van Ed van Thijn We vroegen het hemzelf.

Op 16 juni werd Ed van Thijn geïnstalleerd als burgemeester. Amsterdam is mijn eigen stad, met zijn joodse traditie. De stad van de Februaristaking. Maar mijn trots had een rouwrand. Het klinkt wat pathetisch, maar ik heb altijd bedacht: De strijd tegen discriminatie en voor verdraagzaamheid is een rode draad in mijn bestaan.

Maar tolerantie betekent natuurlijk niet dat alles mag. Op een mooie zomerdag praat de oud-burgemeester in zijn tuin in de Concertgebouwbuurt openhartig over de problemen met de openbare orde en de criminaliteit waarmee hij als burgemeester werd geconfronteerd.

Maar zijn gezag is niet absoluut. De politie heeft namelijk twee bazen: Juist in Van Thijns jaren werd duidelijk dat die strakke taakafbakening in de praktijk moeilijk houdbaar was. Tot hoefde de burgemeester over het politiebeleid formeel geen verantwoording af te leggen aan de gemeenteraad.

Daarover had de jonge Van Thijn, PvdA-raadslid van tot , het al in juni aan de stok met burgemeester Gijs van Hall. In ieder geval achteraf moet de raad het beleid kunnen toetsen, betoogde Van Thijn, maar Van Hall zag daar niets in, en zijn opvolger Ivo Samkalden evenmin. Toen het daarbij ernst werd, deed de politie niets, bij gebrek aan expliciete orders van de burgemeester. Een burgemeester moet altijd bereikbaar zijn! De Commissie Enschede kwam met een schokkend rapport.

De politie bleek totaal niet op haar taak berekend. Het was een centralistisch apparaat, amper aanwezig op straat. Hoofdcommissaris Van der Molen en burgemeester Van Hall werden allebei ontslagen.

Voor de anderszins zeer bekwame Van Hall was dat een drama — maar zeker niet voor het openbare-ordebeleid, meent Van Thijn.

En Van Hall had bar weinig belangstelling voor de politie. Tussen en , in zijn Haagse jaren als Tweede-Kamerlid en minister, was zijn woonplaats Amsterdam voor Van Thijn geestelijk ver weg, bekent hij. Maar nee, op de Zeedijk kwam ik nooit. Ik moest dat oplossen. Bij de inhuldiging van Beatrix in hadden we die vreselijke rellen gehad. Maar tegelijk wilde ik aan de geweldsspiraal een eind te maken. Testcase werd in februari de ontruiming van het gekraakte pand van tapijtenfirma Wyers op de Nieuwezijds Voorburgwal.

We brainstormden met een aantal creatieve mensen van de politie. Hoe konden we de ontruiming anders aanpakken, zonder groot geweld? Tot dan toe gebeurden ontruimingen bij verrassing: Maar daarna ontstonden steeds grote vechtpartijen op straat. De politie vond dat te lang duren. Maar ik wilde zien wie de langste adem had.

Om half twaalf liep het gebouw leeg. De krakers moesten pissen. Van Thijn erfde een tweede groot probleem: Al op zijn eerste werkdag bezocht hij politiebureau Warmoesstraat. De verloederde Zeedijk was het domein van dealers en junks. Van Thijn wist niet wat hij zag: Maar ze terroriseerden wel de buurt en die agenten voelden zich door iedereen in de steek gelaten. Ze hadden veel te weinig personeel en bevoegdheden. Bureau Warmoesstraat kreeg meer personeel en er kwamen samenscholingsverboden.

Ze mochten geen rustig moment meer hebben. En als ze hun heil verderop zochten, volgden we ze. Tegelijk zorgden we voor een geïntegreerd drugsbeleid. Dat hield in dat de politie, de GGD en de jeugdhulpverlening en de Jellinek samenwerkten.

We gingen methadon verstrekken, maar wie dat wilde hebben moest zich registreren. Zo werden de verslaafden bij ons bekend en konden we de Amsterdamse verslaafden onderscheiden van de buitenlandse. Die laatsten kregen geen methadon en gingen het land uit. Wanneer hij het stadhuis op de Oudezijds Voorburgwal uitstapte, struikelde de burgemeester al over de junks. Ja, hij zag alles, erkent Van Thijn, maar hij had formeel weinig machtsmiddelen.

Ik liet me met opgestroopte mouwen fotograferen op de Pillenbrug vlakbij het stadhuis, waar toen dag en nacht xtc-pillen werden verkocht. Een uur later hing de minister aan de telefoon. Maar nu zat ik wel meteen met hem aan tafel. Amsterdam kreeg meer agenten, maar niet van harte. De minister had een gelijkheidssyndroom: Terwijl Amsterdam domweg veel en veel grotere problemen had dan de rest. Grote ergernissen bleven het cellentekort en het feit dat Justitie nauwelijks werk maakte van de vervolging van opgepakte dealers, straatrovers en oplichters.

De meesten stonden de volgende dag weer op straat. Juridisch waren dat individuele zaken, betoogde Justitie, daar moest de burgemeester zich buiten houden. Er was weliswaar al meer georganiseerd overleg tussen de politiebazen dan in de tijd van Van Hall. Sinds omstreek bestond een periodiek Driehoeksoverleg tussen de burgemeester, politiechef en hoofdofficier van Justitie.

Daarin vond Van Thijn hoofdcommissaris Jaap Valken gelukkig aan zijn kant. Van de afstandelijker hoofdofficier Cees van Steenderen kreeg hij minder steun. Veel veranderingen kwamen in een stroomversnelling toen de Groningse hoofdcommissaris Eric Nordholt in de Amsterdamse politiebaas werd. Als jong hoofdinspecteur schreef nieuwlichter Nordholt in al met enkele geestverwanten het rapport Politie in verandering, waarin zij pleitten voor een rol van de politie in de maatschappelijke vernieuwing en concreet de oprichting van wijkteams.

In een jenever-overgoten nachtelijk kennismakingsgesprek haalde Van Thijn hem over naar Amsterdam te komen. Zij werden een hecht koppel. Maar hij permitteert zich ook enkele relativeringen. Dat komt doordat Nordholt net deed of de geschiedenis pas begon toen hij aantrad. Maar Valken zette de grote verandering in gang; later heeft Nordholt die daadkrachtig uitgevoerd.

Hij was misschien iets te vaak op televisie, maar dat vond ik niet erg; dan hoefde ik wat minder! De filosofie was dat de politie weer zichtbaar moest zijn. Dat was een enorme ingreep, die intern veel weerstand opriep, ook omdat wij aan alles te kort hadden.

De stad Amsterdam had toen maar agenten. Nu zijn dat er in de Maar nu hebben we de wijkagenten. Ik heb ze wel eens de sociale architecten van de stad genoemd. Na het laatste grote kraakoproer in Staatsliedenbuurt kwam de strijd tegen de steeds grootschaliger criminaliteit voorop te staan.

Ze hadden al die groepen in kaart gebracht. Dat was zo indrukwekkend. De toename daarvan viel min of meer samen met de grote immigratiegolf na Wij wilden er eerst een eigen reactie aan toevoegen: Maar vertel dat maar eens aan de slachtoffers. De politie hield het tumult niet in de hand. Ik ben daar met knikkende knieën naartoe gegaan.

Er stond een uitzinnige menigte. Die schold mij verrot. Ik had de buitenlanders binnengehaald en de Amsterdammers in de steek gelaten. Ik heb dat een half uur over mee heen laten komen.

Ik deel uw ongelofelijke woede. De daders worden opgespoord en gestraft. Maar ik wil óók opmerken: Daar moet u óók naar luisteren.

Terugblikkend bekent Van Thijn spontaan dat hij destijds niet voorzag dat de problemen met allochtone jongeren zo groot en zo hardnekkig zouden zijn. En dat geldt gezien de aanhang van Wilders ook voor de polarisatie tussen de bevolkingsgroepen. Het brengt ons terug bij het belang van tolerantie en het klimaat waarin die gedijt.

Tolerantie is iets anders dan alles goed vinden. Dat soort onverschilligheid leidt snel tot onveiligheid en dus angst. En bange mensen zijn niet tolerant. Amsterdam had in drie burgemeesters. Het was het jaar waarin Schelto Patijn de opvolger werd van Ed van Thijn.

En de derde burgemeester? Dat was Marleen Stikker: De Digitale Stad zette Amsterdam op de digitale wereldkaart. Het was immers een van de eerste mogelijkheden voor gewone burgers om kennis te maken met de zegeningen van internet. Dat bestond in weliswaar al anderhalf decennium, maar was buiten het domein van wetenschap nog nauwelijks bekend.

En vrijwel niemand had zelfs maar bij benadering een vermoeden hoe ingrijpend internet het dagelijks leven zou veranderen. Niemand, behalve dan misschien Marleen Stikker en haar bentgenoten. Zij waren immers een clubje vreemde eenden in de prille internetbijt: Sociale netwerken, het buzzword van , waren voor Amsterdam in al de crux van het internet.

Dat komt doordat de Amsterdamse internetpioniers geen nerds waren, althans niet uitsluitend. Veeleer was het een groepje van hele of halve kunstenaars, krakers en andere activistische types.

Een typisch zootje Amsterdams ongeregeld kortom, waarvoor je tegenwoordig niet gemakkelijk meer de handen op elkaar zou krijgen.

Velen zijn overigens uiteindelijk heel behoorlijk terechtgekomen — dank u. In dat wereldje kende iedereen Marleen Stikker. Stikker kwam uit een milieu dat je gerust non-conformistisch zou kunnen noemen. Ze werd in geboren in Groningen. Haar vader was Uipco Stikker. Hij heeft geëxposeerd met visuele poëzie. Hij was echt een erudiet, een bekende figuur ook in Groningen. Haar moeder is Gerda Meijerink, vertaalster Duits en publiciste. Dat zij docente germanistiek was aan de Utrechtse universiteit, en tegelijkertijd onderwijskunde doceerde aan de Universiteit van Amsterdam, brachten moeder en dochter naar Amsterdam.

Haar vader niet, want haar ouders leefden gescheiden. Geen wonder dus dat schrijven lange tijd een perspectief vormde. Ik denk dat ik erg door mijn vader beïnvloed was, in de zin dat ik naar echte kennis op zoek was en niet alleen maar naar meningen of emoties.

Helemaal aan de verwachtingen voldeed de filosofiestudie niet. Met een groep studenten vormde Stikker een club Amfibi die zelf het onderwijs vormgaf. Dat ging allemaal goed totdat ik last kreeg van uittredingen. Ik wil midden in het leven staan, en niet alleen in de reflectie zitten. In plaats daarvan raakte Marleen Stikker verzeild in de wereld van het tegendraadse theater. De tijdschriftenwereld was in heftige beroering door de opkomst van desktoppublishing.

Het waren vooral de kleinere onafhankelijke tijdschriften die daarmee aan de slag gingen. Misschien wel het allereerste dtp-programma in Amsterdam was in gebruik bij het Shaffy Theater. Een mooie tijd, met die prille mediacultuur in de stad. In dat wereldje heb ik een tijd rondgewandeld. Drukkerijen zoals de Raddraaier, Primavera; autonome theaters zoals het Ostadetheater, het Veemtheater, The Bank op de Haarlemmerstraat, het Amfitheater in Paviljoen 1 — kortom wat indertijd het derde circuit werd genoemd.

Ze leefde in die tijd, vertelt ze zonder blikken of blozen, van een uitkering. Eigenlijk waren het innovatiegelden; het hele circuit draaide erop. Ik heb wel eens gezocht naar banen, maar die waren er gewoon niet. Ik hoor bij de generatie waar niemand op zat te wachten. Er was in die tijd helemaal geen perspectief op werk. Iedereen was zijn eigen economische activiteit aan het zoeken.

Je kunt wel zeggen dat in dat circuit de creatieve industrie in de stad geboren is. En ze woonde zeker in een kraakpand? Ik heb wel her en der geholpen, maar bij grote kraakacties was ik niet betrokken. Ik had alleen kantoor in een gekraakt woon-werkpand op het WG-terrein. Inmiddels hebben ze samen twee dochters: Zwaantje van 7 en Rokko van 5. Ze wonen in de Jordaan. Bij het fraais dat Amsterdam in de late jaren tachtig te bieden had hoorde ook de hackerscultuur. Jongens, voornamelijk, die de gevestigde orde regelmatig aan het schrikken maakten door apparaten creatief en grondig aan te passen.

Hoogtijdag van de hackerscultuur was de manifestatie Hacking at the End of the Universe in Lelystad, De autoriteiten keken bezorgd toe naar wat dat zootje ongeregeld in de polder uitspookte.

Marleen Stikker was erbij, en haar ogen beginnen te glimmen als ze eraan terugdenkt: Er waren wel wat voorbeelden in de Verenigde Staten Freenets, sinds al maar het idee om op internet een virtuele stad te presenteren was nieuw. Wij wilden geen informatiesysteem maken, maar een ervaring. Wat valt er te ontdekken?

De gemeenteraadsverkiezingen van vormden een mooie kapstok voor een experiment. Stikker stuurde een nota naar ambtenaren die hem soms maar half begrepen. Desondanks kwam er financiering los van de gemeente en van twee ministeries. Marleen Stikker en de jarige hacker Felipe Rodriquez haalden nachten door om De Digitale Stad te bouwen — op een verdieping boven het Spaanse restaurant Centra aan de Lange Niezel, waarvan Rodriquez eigenaar was.

En op 15 januari was het zover: Dat De Digitale Stad een succes was, is zwak uitgedrukt. Hoewel bij de aanvang nog maar een paar honderd particulieren in Nederland toegang hadden tot internet, ontstond er bijna virtuele woningnood, zo snel stroomden de bewoners toe, met duizenden tegelijk.

Niet in de laatste plaats waren ze geïnteresseerd in het virtuele Centraal Station, dat toegang bood tot het wereldwijde web. Ook organisaties en bedrijven vestigden zich aan de virtuele straten en pleinen van de stad van burgemeester Stikker: Aan het einde van de subsidieperiode was de conclusie onontkoombaar dat het niet bij een paar weken experimenteren kon blijven: De Digitale Stad bleef bestaan.

Door het leveren van diensten en adviezen op de prille internetmarkt kon de stad — een stichting inmiddels — zichzelf bedruipen. Er werden nieuwe, telkens weer wat betere wijken en voorzieningen toegevoegd. In andere steden — Rotterdam, Leiden, Eindhoven — werd het voorbeeld gevolgd.

Maar er kwam een einde aan de pret. Niet in de laatste plaats door de opkomst van XS4ALL, de mede door Felipe Rodriquez in het leven geroepen provider voor iedereen, werd rondstruinen op internet veel toegankelijker en bleek er buiten De Digitale Stad nog heel wat te beleven op het wereldwijde web. De Digitale Stad bestaat nog steeds, maar als doodgewone, commerciële internetprovider. Nu is het all over the place. Wij hebben het altijd gezien als een sociaal medium.

Inmiddels troont de moeder van de creatieve industrie een typering van burgemeester Job Cohen bovenin het Waaggebouw op de Nieuwmarkt. Ze is oprichtster samen met Caroline Nevejan en directeur van wat aanvankelijk de Maatschappij voor Oude en Nieuwe Media heette, en tegenwoordig de Waag Society. Marleen Stikker is een spin in het web van de Amsterdamse multimediawereld en opgenomen in het establishment. Mijn aandacht is verplaatst van het creëren van een stadscultuur op internet naar hoe de echte stad beleefd wordt en de rol van de media daarin.

Dat leidde bijvoorbeeld tot de Verhalentafel, een multimedia-meubel waarmee ouderen herinneringen kunnen ophalen en bewaren. In konden bewoners van het Twiskehuis in Amsterdam-Noord er kennis mee maken en inmiddels staan er ruim 75 exemplaren van het prijswinnende object overal in Nederland.

Zo heeft de Waag Society, meestal samenwerkend met andere organisaties, tal van projecten voor gezondheidszorg, cultuur, samenleving, onderwijs en duurzaamheid. Ruim 50 mensen werken er.

Sinds een jaar of drie is er een filiaal in Pakhuis de Zwijger aan de Oostelijke Handelskade. Daar zit het Mediagilde, een broedplaats voor veelbelovende starters op multimediaal gebied. En een tweede filiaal, het futuristische gebouw Dutchdock, in de vorm van een schip op de helling op het NDSM-terrein, staat op de tekentafel. Een kwart eeuw stadsvernieuwing heeft de Bijlmer onherkenbaar veranderd.

De helft van de hoogbouw is gesloopt. Veel dreven zijn verlaagd. De Bijlmer krijgt de trekken van een gewone stadswijk met een vleugje Vogelaar. Hij schildert op deze zomerse dag enkele kasten voor zijn deur in de Bijlmer. Vrienden waarschuwden hem voor criminaliteit toen hij vorig jaar zijn studio in de flat Kruitberg betrok. Het is echt een verouderd beeld dat de Bijlmer lang blijft achtervolgen. Nu op de stoep voor zijn nieuwe studio. Wie midden door de Bijlmer loopt, raakt onherroepelijk onder de indruk van de veranderingen.

Enkele bekende honingraatflats zijn grondig gerenoveerd. Zelfs de grootste pessimisten beginnen verliefd te raken op de veelbekritiseerde flats. De buurt met de behouden hoogbouw wordt nu het Bijlmermuseum genoemd. De geschiedenis van 25 jaar Bijlmervernieuwing laat zich in enkele trefwoorden samenvatten: Het begint in Na een lange dronkenmanstocht staat de Bijlmer aan het ravijn. De criminaliteit is hoog, het imago slecht, de leegstand groter dan ooit.

Een kwart van de Woningcorporatie Nieuw Amsterdam dreigt bij gebrek aan huurpenningen failliet te gaan. Vrijwel niemand wil in de Bijlmer wonen.

De Amsterdamse middenklasse verhuist nog liever naar Almere. De Bijlmer wint alleen nog aan populariteit onder junks, weggejaagd van de Zeedijk die zojuist is schoongeveegd. Het stadsbestuur en de woningcorporatie zoeken midden jaren tachtig naar een structurele oplossing. In navolging van de beruchte flat Gliphoeve worden ook andere flats opgeknapt. Diverse woningen worden gesplitst, de lange galerijen worden onderbroken en de grijze gevels krijgen een vrolijk kleurtje.

En er wordt vergaderd, héél veel vergaderd. De vernieuwing is volgens hem ernstig vertraagd door de vorming van de logge woningcorporatie Nieuw Amsterdam in en de stadsdeelraad Zuidoost in Al dat geleuter maakt de wijk niet noodzakelijk beter. De Bijlmer is nog meer dan andere wijken op rapporten gebouwd.

Het duurt tot voordat de gemeenteraad, het stadsdeel en de woningcorporatie besluiten wat in voor het eerst is geopperd: De Bijlmer kan alleen tot een sociaal veilige wijk worden gesmeed als een deel van de anonieme hoogbouw wordt vervangen door eengezins- en portiekwoningen.

Deze visie wordt vastgelegd in het rapport De Bijlmermeer blijft, veranderen en nader uitgewerkt in het rapport Werk met werk maken Na negen jaren van woorden volgen in daden.

Eerst begint de renovatie van de flat Hoogoord en later in dat jaar start de sloop van de flat Geinwijk en enkele omringende parkeergarages. Twee jaar later gaat ook de flat Gerenstein tegen de vlakte.

De nieuwbouw volgt relatief snel. Tussen en trekken de bewoners in hun nieuwe woningen in Nieuw Geinwijk en Nieuw Gerenstein. Juist rond de tijd dat zijn levenswerk wordt afgebroken, ontvangt Bijlmer-ontwerper Siegfried Nassuth een belangrijke oeuvreprijs.

In het openbaar houdt hij zich stil. Behalve flats en garages wordt ook de Bijlmerdreef afgebroken. Deze hooggelegen weg wordt een gewone laan; de vele viaducten worden gewone kruispunten. Hoewel de sloop van de oude flats de meeste aandacht krijgt, heeft de afbraak van de dreef goed beschouwd de meeste impact op de wijk. Voetgangers mengen zich voortaan met automobilisten.

De functionele stad die de stedenbouwkundigen in de jaren zestig bedachten, krijgt de trekken van een Vinex-wijk. Rond de eeuwwisseling wordt besloten dat nog eens een kwart van de hoogbouw wordt vervangen door nieuwbouw. De afspraken worden vastgelegd in het Finale plan van aanpak Mensen wonen nu in herkenbare buurtjes. Ze ontmoeten elkaar op straat, leren elkaar kennen, organiseren buurtfeestjes. Ik loop er met veel plezier rond.

Het is ontzettend mooi geworden. Wie nu van buurt naar buurt loopt, ziet meer werk in uitvoering dan je zou mogen verwachten in een wijk die volgens het Finale plan in klaar zou moeten zijn. Er wordt in de zomer van gesloopt bij Egeldonk, gebouwd langs de Bijlmerdreef, bestraat in Evergreen, eindelijk gewerkt aan het winkelcentrum bij Kraaiennest en veel vergaderd over de toekomst van Kleiburg.

Er is kortom nog enorm veel werk te doen. De laatste sloopflats gaan volgend jaar tegen de vlakte en de helft van de 7. De deadline is dan ook verschoven van naar Stadsvernieuwer Verhagen, die na de Bijlmer de succesvolle transformatie van het Westerpark leidde, meent dat de vernieuwing van de Bijlmer sneller had gekund.

Hij ziet in de de wijk beslist mooie dingen gebeuren. Ik kan me niet voorstellen dat ik vijftien jaar in die slooprotzooi had moeten wonen in afwachting van betere tijden. Het duurt echt allemaal veel te lang. Het verbaast me dat in al die jaren niemand in het stadsbestuur is opgestaan met de boodschap: Dit loopt uit de klauwen. Stadsdeelwethouder Verdonk verwerpt de kritiek: Soms kan het gewoon niet sneller. Ook in de Bijlmer draaien veel partijen aan de knoppen: Het proces dat daarop volgde, had gewoon zijn tijd nodig.

Voorstanders van de oude Bijlmer bleven zich ook binnen de politieke partijen lang roeren. De wethouder herinnert zich een periode van drie maanden waarin avond na avond werd vergaderd.

Fouten in de besluitvorming zijn door kritische bewoners aangegrepen voor lange juridische procedures. Het is volgens haar naïef te denken dat de Bijlmer sneller had kunnen worden vernieuwd, al begrijpt ze het actuele ongeduld van bewoners over de trage totstandkoming van het nieuwe winkelcentrum bij Kraaiennest en de slepende gesprekken over de flat Kleiburg. Wat ik lastig vind, is dat sommige bewoners de bouwput gedurende lange tijd bijna letterlijk om hun flat zien trekken.

Voor die mensen moeten we ons stinkende best doen zo snel mogelijk te werken. De vernieuwing mag dan trager verlopen dan menigeen wil, de resultaten zijn beslist bemoedigend.

De drugsoverlast ligt sinds op het niveau van heel Amsterdam, blijkt uit de Bijlmermonitor die onderzoekers begin in opdracht van het stadsdeel publiceerden.

Verslaafden zwerven niet langer in groten getale over straat. Het aantal aangiftes van strafbare feiten is sterk gedaald. Niet dat overal de zon schijnt. De Bijlmer is twee jaar geleden door de toenmalige minister Ella Vogelaar opgenomen in haar lijstje van veertig 'krachtwijken'.

De werkloosheid is daar hoger dan elders en de criminaliteit hardnekkiger. Ondanks zulke tegenslag begint volgens de Bijlmer-bestuurders het glas meer dan half vol te raken. Een begin van groter elan lijkt de laatste tijd te ontstaan. De nieuwe lanen die de kilometerslange dreven vervangen, worden al vergeleken met die van Berlage. Bewoners blijven langer wonen in de wijk.

De samenstelling van de buurt verandert. De Bijlmer is de eerste Amsterdamse wijk waar een zwarte middenklasse ontstaat. Nieuwkomer Paul Salomons, die vandaag op de stoep zijn kasten schildert, blijkt architect. Aan de muur van zijn kantoor hangt zijn opvallende ontwerp voor een torenhoge flat plus drive-in-woningen aan de nabijgelegen Karspeldreef. De eerste paal laat lang op zich wachten. Als het economisch tij meezit, wordt deze in de loop van september geslagen. Er moet nog veel gebeuren.

Geen geld voor een bruggetje? Dat is wel heel klein gedacht. Jammer, vind ik dat. De dogmatische idealist Siegfried Nassuth en zijn collega's van de dienst Stadsontwikkeling ontwerpen midden jaren zestig de Bijmer. Ze volgen de principes van de functionele stad van de Zwitserse architect Le Corbusier. Wonen, werken, reizen en recreëren worden in de wijk strikt gescheiden.

Al snel ontstaan echter de eerste problemen. De flats zijn slecht opgeleverd. De huren zijn hoog, deels door de half lege parkeergarages. In alle rust maakt u in onze ontvangstkamer een keuze tussen de dames. Ervaar met hen een echte vriendin-ervaring, mogelijkheden voor intiem, frans, zoenen, hand-massage en erotische massage. Of kom heerlijk relaxen in ons 4-persoons Bubbelbad en genieten van één of meerdere dames.

Elke dag open van 12 tot 22 uur. Je kan ook bellen en een afspraak maken, ongeacht het tijdstip. Vijverhofstraat a in Rotterdam, vijf minuten vanaf het centrum. Openingstijden Maandag van Bekijk hier onze dames: Estefania 24cm Privé Ontvangst. Geen Faker Jason Privé Ontvangst. Poesje Likken, Billen likken ;? Laatst bekeken Huize Marleen - Privehuis met klasse - Dames altijd welkom. Nieuwste Voice Ads Emily - Kom laat me je verwennen!!

Tscindy - de koningin van de melk!!! Misael latino top - Top horny and strong. Lola - Fetisjen en



Er kwamen ook Duitse klanten. Later werd het vooral een café voor lesbiennes. In is het café vanwege huurschuld gesloten. Jacques van Nieuwkerk herinnert zich vooral de Penny Bar op nummer 13, naast Monico en recht tegenover zijn huis, op nummer Daar kwamen veel Amerikaanse soldaten-op-verlof uit Duitsland.

En iedere keer eindigde het ermee dat er iemand dwars door het raam naar buiten kwam. De hoeren zaten in de Lange Niezel niet achter het raam, maar op éénhoog. Daar hingen ze met vrijwel blote borsten over de vensterbank en probeerden klanten te lokken.

Mijn vader had geen bezwaar tegen ze: Voetbalgek Jacques kon alleen een balletje trappen in de anderhalve meter smalle Slaperssteeg achter de winkel. Toch hebben Van Nieuwkerk en Van Blokland allebei een warme herinnering aan de buurt: In verkocht Johan van Nieuwkerk zijn slagerij aan G. Zoon Jacques woonde met zijn vrouw nog boven de winkel tot , twee jaar nadat Matthijs werd geboren.

In kreeg de slagerij weer een nieuwe eigenaar, Jan Venekamp. Vanaf eind jaren zestig veranderden de Wallen razendsnel van sfeer.

In januari waagde tijdschriftenhandelaar Coesel in de Lange Niezel het een condoomapparaat aan zijn gevel te hangen. Binnen drie dagen dwong de zedenpolitie hem het ding weg te halen. Maar de vieze boekjes kwamen steeds meer onder de toonbank vandaan en de politie ging openlijke raamprostitutie gedogen. Helaas stortten weinig gewetensvolle ondernemers zich al snel grootschalig op de bevrediging van alle nieuwe behoeften.

Al in ging in de Lange Niezel de eerste sexcinema open, voorbode van een grote pornogolf in de jaren tachtig. Naast de cannabis steeds massaler ingevoerd drongen intussen ook harddrugs door tot Amsterdam. In vond de narcoticabrigade in de kelder van restaurant Na Tien Low, Lange Niezel 26, 30 kilo zuivere opium.

Tegelijk arriveerden korreltjes die de narcoticabrigade nog niet kende: De veranderingen waren meteen merkbaar bij Apotheek Van der Meulen op de Geldersekade, anno Henny Rasker was er van tot de apothekeres. Een beetje rauwer dan de Jordaan waar ik eerder werkte, maar vergelijkbaar. We hadden een heel gemengde klantenkring: Die hoerenmadammen waren een apart slag. Zij hadden gezag en eigen boodschappertjes. In de Lange Niezel begon in die tijd de neergang; het waren slechte huizen, ouderwets en donker.

Maar er stonden nog gewone winkels. De eigenaresse van een café daar kreeg de minachting van de buurt over zich heen door met een Surinamer te trouwen. Dat deed je niet. Na greep de verslaving om zich heen.

Dat gold ook voor de hoeren. Je zag ze in een paar jaar verschrikkelijk achteruitgaan. Dealers en junks gingen het straatbeeld bepalen. Er werd zwaar gehandeld — en Duitse ouders kwamen hier hun verdwenen kinderen zoeken. Al was men op de Wallen wel wat rare snuiters gewend, toch wekten de drugsgebruikers angst: De apotheek verkocht schone spuiten, maar daar was geen begrip voor; men dacht dat dit de verslaving in gang hield.

Politiebureau Warmoesstraat vroeg de apothekeres af en toe uitleg over de werking van verslaving. Bij zijn kennismakingsronde door de buurt in met de chef van Bureau Warmoesstraat zat hoofdcommissaris Nordholt een tijdje achter het hoge raam van de apotheek, om ongezien de verslaafden op de Geldersekade te bestuderen.

Vanaf rukte ook de aids op: Maar toen Rasker in vertrok was aids gelukkig niet meer per se dodelijk en heroïne iets voor losers. Dé drug was nu cocaïne. Opheffing van het bordeelverbod leek een oplossing: Door afspraken en een gemeentelijk vergunningenbeleid zou de controle worden vergroot. Maar de branche paste zich geraffineerd aan de nieuwe situatie aan, zo bleek tien jaar later.

En de onderbezette zedenpolitie was onmachtig tegenspel te bieden. Helaas verplaatste een deel van de ellende zich naar de Lange Niezel.

Sommige bovenverdiepingen van de huizen worden gebruikt voor kamerverhuur of illegale hotels, vaak bewoond door Oost-Europese sekswerkers. Veel bovenhuizen staan leeg en zien er mistroostig uit. Inmiddels hebben de gemeente en stadsdeel Centrum een nieuw totaalplan opgesteld om de verloedering van de Wallen terug te dringen: Coalitieplan , naar de postcode.

Achttien bovengemiddeld zorgelijke straten en stegen, waaronder de Lange Niezel, krijgen speciale aandacht. Prioriteit ligt bij het terugdringen van het aantal bordelen en coffeeshops, ook omdat op dat terrein de gemeente de sterkste machtsmiddelen heeft. Eerst wordt bekeken of exploitatievergunningen worden gebruikt voor illegale activiteiten zoals het witwassen van zwart geld.

In het geval van Jan Venekamp kon dat niet worden aangetoond; hij behield zijn vergunningen. Dan probeert men de eigenaar van sekspanden uit te kopen. Bij een aantal vastgoedhandelaren lijkt dat te lukken - voor heel veel geld — behalve bij Venekamp.

De familie weigert iedere verkoop. De slagerij heeft hij inmiddels gesloten. Het is nu een souvenirshop. Wel kocht de gemeente via corporatie van pandjesbaas Dick Holtman nummer 25, nu nog met coffeeshop Highway. Volgens Coalitieplan moeten uiteindelijk alle drie coffeeshops in de Lange Niezel verdwijnen. Wel zo realistisch, vindt Van Blokland: Het zou alleen een beetje geordend moeten worden.

Aanpak van de overige ranzige handel in de Lange Niezel is overigens een stuk lastiger. Als de ondernemers daar niet zelf aan meewerken, moet het bestemmingsplan worden gewijzigd en dat is een zware procedure. Een straatje als dit vol historie, dat bijna geheel bestaat uit rijks- en gemeentemonumenten, verdient toch zeker een mooie toekomst. In de jaren zestig en zeventig had de Amsterdamse politie een beroerde reputatie: De omslag kwam tijdens het burgemeesterschap van Ed van Thijn We vroegen het hemzelf.

Op 16 juni werd Ed van Thijn geïnstalleerd als burgemeester. Amsterdam is mijn eigen stad, met zijn joodse traditie. De stad van de Februaristaking. Maar mijn trots had een rouwrand. Het klinkt wat pathetisch, maar ik heb altijd bedacht: De strijd tegen discriminatie en voor verdraagzaamheid is een rode draad in mijn bestaan. Maar tolerantie betekent natuurlijk niet dat alles mag.

Op een mooie zomerdag praat de oud-burgemeester in zijn tuin in de Concertgebouwbuurt openhartig over de problemen met de openbare orde en de criminaliteit waarmee hij als burgemeester werd geconfronteerd. Maar zijn gezag is niet absoluut. De politie heeft namelijk twee bazen: Juist in Van Thijns jaren werd duidelijk dat die strakke taakafbakening in de praktijk moeilijk houdbaar was.

Tot hoefde de burgemeester over het politiebeleid formeel geen verantwoording af te leggen aan de gemeenteraad. Daarover had de jonge Van Thijn, PvdA-raadslid van tot , het al in juni aan de stok met burgemeester Gijs van Hall. In ieder geval achteraf moet de raad het beleid kunnen toetsen, betoogde Van Thijn, maar Van Hall zag daar niets in, en zijn opvolger Ivo Samkalden evenmin.

Toen het daarbij ernst werd, deed de politie niets, bij gebrek aan expliciete orders van de burgemeester. Een burgemeester moet altijd bereikbaar zijn! De Commissie Enschede kwam met een schokkend rapport.

De politie bleek totaal niet op haar taak berekend. Het was een centralistisch apparaat, amper aanwezig op straat. Hoofdcommissaris Van der Molen en burgemeester Van Hall werden allebei ontslagen. Voor de anderszins zeer bekwame Van Hall was dat een drama — maar zeker niet voor het openbare-ordebeleid, meent Van Thijn.

En Van Hall had bar weinig belangstelling voor de politie. Tussen en , in zijn Haagse jaren als Tweede-Kamerlid en minister, was zijn woonplaats Amsterdam voor Van Thijn geestelijk ver weg, bekent hij.

Maar nee, op de Zeedijk kwam ik nooit. Ik moest dat oplossen. Bij de inhuldiging van Beatrix in hadden we die vreselijke rellen gehad. Maar tegelijk wilde ik aan de geweldsspiraal een eind te maken. Testcase werd in februari de ontruiming van het gekraakte pand van tapijtenfirma Wyers op de Nieuwezijds Voorburgwal. We brainstormden met een aantal creatieve mensen van de politie.

Hoe konden we de ontruiming anders aanpakken, zonder groot geweld? Tot dan toe gebeurden ontruimingen bij verrassing: Maar daarna ontstonden steeds grote vechtpartijen op straat. De politie vond dat te lang duren. Maar ik wilde zien wie de langste adem had. Om half twaalf liep het gebouw leeg. De krakers moesten pissen.

Van Thijn erfde een tweede groot probleem: Al op zijn eerste werkdag bezocht hij politiebureau Warmoesstraat. De verloederde Zeedijk was het domein van dealers en junks. Van Thijn wist niet wat hij zag: Maar ze terroriseerden wel de buurt en die agenten voelden zich door iedereen in de steek gelaten. Ze hadden veel te weinig personeel en bevoegdheden. Bureau Warmoesstraat kreeg meer personeel en er kwamen samenscholingsverboden. Ze mochten geen rustig moment meer hebben.

En als ze hun heil verderop zochten, volgden we ze. Tegelijk zorgden we voor een geïntegreerd drugsbeleid. Dat hield in dat de politie, de GGD en de jeugdhulpverlening en de Jellinek samenwerkten. We gingen methadon verstrekken, maar wie dat wilde hebben moest zich registreren. Zo werden de verslaafden bij ons bekend en konden we de Amsterdamse verslaafden onderscheiden van de buitenlandse.

Die laatsten kregen geen methadon en gingen het land uit. Wanneer hij het stadhuis op de Oudezijds Voorburgwal uitstapte, struikelde de burgemeester al over de junks. Ja, hij zag alles, erkent Van Thijn, maar hij had formeel weinig machtsmiddelen. Ik liet me met opgestroopte mouwen fotograferen op de Pillenbrug vlakbij het stadhuis, waar toen dag en nacht xtc-pillen werden verkocht. Een uur later hing de minister aan de telefoon.

Maar nu zat ik wel meteen met hem aan tafel. Amsterdam kreeg meer agenten, maar niet van harte. De minister had een gelijkheidssyndroom: Terwijl Amsterdam domweg veel en veel grotere problemen had dan de rest. Grote ergernissen bleven het cellentekort en het feit dat Justitie nauwelijks werk maakte van de vervolging van opgepakte dealers, straatrovers en oplichters.

De meesten stonden de volgende dag weer op straat. Juridisch waren dat individuele zaken, betoogde Justitie, daar moest de burgemeester zich buiten houden. Er was weliswaar al meer georganiseerd overleg tussen de politiebazen dan in de tijd van Van Hall. Sinds omstreek bestond een periodiek Driehoeksoverleg tussen de burgemeester, politiechef en hoofdofficier van Justitie. Daarin vond Van Thijn hoofdcommissaris Jaap Valken gelukkig aan zijn kant.

Van de afstandelijker hoofdofficier Cees van Steenderen kreeg hij minder steun. Veel veranderingen kwamen in een stroomversnelling toen de Groningse hoofdcommissaris Eric Nordholt in de Amsterdamse politiebaas werd. Als jong hoofdinspecteur schreef nieuwlichter Nordholt in al met enkele geestverwanten het rapport Politie in verandering, waarin zij pleitten voor een rol van de politie in de maatschappelijke vernieuwing en concreet de oprichting van wijkteams.

In een jenever-overgoten nachtelijk kennismakingsgesprek haalde Van Thijn hem over naar Amsterdam te komen. Zij werden een hecht koppel.

Maar hij permitteert zich ook enkele relativeringen. Dat komt doordat Nordholt net deed of de geschiedenis pas begon toen hij aantrad. Maar Valken zette de grote verandering in gang; later heeft Nordholt die daadkrachtig uitgevoerd.

Hij was misschien iets te vaak op televisie, maar dat vond ik niet erg; dan hoefde ik wat minder! De filosofie was dat de politie weer zichtbaar moest zijn. Dat was een enorme ingreep, die intern veel weerstand opriep, ook omdat wij aan alles te kort hadden. De stad Amsterdam had toen maar agenten. Nu zijn dat er in de Maar nu hebben we de wijkagenten.

Ik heb ze wel eens de sociale architecten van de stad genoemd. Na het laatste grote kraakoproer in Staatsliedenbuurt kwam de strijd tegen de steeds grootschaliger criminaliteit voorop te staan.

Ze hadden al die groepen in kaart gebracht. Dat was zo indrukwekkend. De toename daarvan viel min of meer samen met de grote immigratiegolf na Wij wilden er eerst een eigen reactie aan toevoegen: Maar vertel dat maar eens aan de slachtoffers. De politie hield het tumult niet in de hand. Ik ben daar met knikkende knieën naartoe gegaan. Er stond een uitzinnige menigte. Die schold mij verrot.

Ik had de buitenlanders binnengehaald en de Amsterdammers in de steek gelaten. Ik heb dat een half uur over mee heen laten komen. Ik deel uw ongelofelijke woede. De daders worden opgespoord en gestraft. Maar ik wil óók opmerken: Daar moet u óók naar luisteren. Terugblikkend bekent Van Thijn spontaan dat hij destijds niet voorzag dat de problemen met allochtone jongeren zo groot en zo hardnekkig zouden zijn.

En dat geldt gezien de aanhang van Wilders ook voor de polarisatie tussen de bevolkingsgroepen. Het brengt ons terug bij het belang van tolerantie en het klimaat waarin die gedijt.

Tolerantie is iets anders dan alles goed vinden. Dat soort onverschilligheid leidt snel tot onveiligheid en dus angst. En bange mensen zijn niet tolerant. Amsterdam had in drie burgemeesters. Het was het jaar waarin Schelto Patijn de opvolger werd van Ed van Thijn.

En de derde burgemeester? Dat was Marleen Stikker: De Digitale Stad zette Amsterdam op de digitale wereldkaart. Het was immers een van de eerste mogelijkheden voor gewone burgers om kennis te maken met de zegeningen van internet.

Dat bestond in weliswaar al anderhalf decennium, maar was buiten het domein van wetenschap nog nauwelijks bekend. En vrijwel niemand had zelfs maar bij benadering een vermoeden hoe ingrijpend internet het dagelijks leven zou veranderen. Niemand, behalve dan misschien Marleen Stikker en haar bentgenoten. Zij waren immers een clubje vreemde eenden in de prille internetbijt: Sociale netwerken, het buzzword van , waren voor Amsterdam in al de crux van het internet.

Dat komt doordat de Amsterdamse internetpioniers geen nerds waren, althans niet uitsluitend. Veeleer was het een groepje van hele of halve kunstenaars, krakers en andere activistische types.

Een typisch zootje Amsterdams ongeregeld kortom, waarvoor je tegenwoordig niet gemakkelijk meer de handen op elkaar zou krijgen. Velen zijn overigens uiteindelijk heel behoorlijk terechtgekomen — dank u. In dat wereldje kende iedereen Marleen Stikker. Stikker kwam uit een milieu dat je gerust non-conformistisch zou kunnen noemen.

Ze werd in geboren in Groningen. Haar vader was Uipco Stikker. Hij heeft geëxposeerd met visuele poëzie. Hij was echt een erudiet, een bekende figuur ook in Groningen. Haar moeder is Gerda Meijerink, vertaalster Duits en publiciste. Dat zij docente germanistiek was aan de Utrechtse universiteit, en tegelijkertijd onderwijskunde doceerde aan de Universiteit van Amsterdam, brachten moeder en dochter naar Amsterdam.

Haar vader niet, want haar ouders leefden gescheiden. Geen wonder dus dat schrijven lange tijd een perspectief vormde. Ik denk dat ik erg door mijn vader beïnvloed was, in de zin dat ik naar echte kennis op zoek was en niet alleen maar naar meningen of emoties. Helemaal aan de verwachtingen voldeed de filosofiestudie niet.

Met een groep studenten vormde Stikker een club Amfibi die zelf het onderwijs vormgaf. Dat ging allemaal goed totdat ik last kreeg van uittredingen. Ik wil midden in het leven staan, en niet alleen in de reflectie zitten. In plaats daarvan raakte Marleen Stikker verzeild in de wereld van het tegendraadse theater. De tijdschriftenwereld was in heftige beroering door de opkomst van desktoppublishing.

Het waren vooral de kleinere onafhankelijke tijdschriften die daarmee aan de slag gingen. Misschien wel het allereerste dtp-programma in Amsterdam was in gebruik bij het Shaffy Theater. Een mooie tijd, met die prille mediacultuur in de stad. In dat wereldje heb ik een tijd rondgewandeld. Drukkerijen zoals de Raddraaier, Primavera; autonome theaters zoals het Ostadetheater, het Veemtheater, The Bank op de Haarlemmerstraat, het Amfitheater in Paviljoen 1 — kortom wat indertijd het derde circuit werd genoemd.

Ze leefde in die tijd, vertelt ze zonder blikken of blozen, van een uitkering. Eigenlijk waren het innovatiegelden; het hele circuit draaide erop. Ik heb wel eens gezocht naar banen, maar die waren er gewoon niet. Ik hoor bij de generatie waar niemand op zat te wachten. Er was in die tijd helemaal geen perspectief op werk. Iedereen was zijn eigen economische activiteit aan het zoeken.

Je kunt wel zeggen dat in dat circuit de creatieve industrie in de stad geboren is. En ze woonde zeker in een kraakpand? Ik heb wel her en der geholpen, maar bij grote kraakacties was ik niet betrokken.

Ik had alleen kantoor in een gekraakt woon-werkpand op het WG-terrein. Inmiddels hebben ze samen twee dochters: Zwaantje van 7 en Rokko van 5. Ze wonen in de Jordaan. Bij het fraais dat Amsterdam in de late jaren tachtig te bieden had hoorde ook de hackerscultuur. Jongens, voornamelijk, die de gevestigde orde regelmatig aan het schrikken maakten door apparaten creatief en grondig aan te passen. Hoogtijdag van de hackerscultuur was de manifestatie Hacking at the End of the Universe in Lelystad, De autoriteiten keken bezorgd toe naar wat dat zootje ongeregeld in de polder uitspookte.

Marleen Stikker was erbij, en haar ogen beginnen te glimmen als ze eraan terugdenkt: Er waren wel wat voorbeelden in de Verenigde Staten Freenets, sinds al maar het idee om op internet een virtuele stad te presenteren was nieuw.

Wij wilden geen informatiesysteem maken, maar een ervaring. Wat valt er te ontdekken? De gemeenteraadsverkiezingen van vormden een mooie kapstok voor een experiment. Stikker stuurde een nota naar ambtenaren die hem soms maar half begrepen. Desondanks kwam er financiering los van de gemeente en van twee ministeries. Marleen Stikker en de jarige hacker Felipe Rodriquez haalden nachten door om De Digitale Stad te bouwen — op een verdieping boven het Spaanse restaurant Centra aan de Lange Niezel, waarvan Rodriquez eigenaar was.

En op 15 januari was het zover: Dat De Digitale Stad een succes was, is zwak uitgedrukt. Hoewel bij de aanvang nog maar een paar honderd particulieren in Nederland toegang hadden tot internet, ontstond er bijna virtuele woningnood, zo snel stroomden de bewoners toe, met duizenden tegelijk.

Niet in de laatste plaats waren ze geïnteresseerd in het virtuele Centraal Station, dat toegang bood tot het wereldwijde web. Ook organisaties en bedrijven vestigden zich aan de virtuele straten en pleinen van de stad van burgemeester Stikker: Aan het einde van de subsidieperiode was de conclusie onontkoombaar dat het niet bij een paar weken experimenteren kon blijven: De Digitale Stad bleef bestaan.

Door het leveren van diensten en adviezen op de prille internetmarkt kon de stad — een stichting inmiddels — zichzelf bedruipen. Er werden nieuwe, telkens weer wat betere wijken en voorzieningen toegevoegd. In andere steden — Rotterdam, Leiden, Eindhoven — werd het voorbeeld gevolgd. Maar er kwam een einde aan de pret. Niet in de laatste plaats door de opkomst van XS4ALL, de mede door Felipe Rodriquez in het leven geroepen provider voor iedereen, werd rondstruinen op internet veel toegankelijker en bleek er buiten De Digitale Stad nog heel wat te beleven op het wereldwijde web.

De Digitale Stad bestaat nog steeds, maar als doodgewone, commerciële internetprovider. Nu is het all over the place. Wij hebben het altijd gezien als een sociaal medium. Inmiddels troont de moeder van de creatieve industrie een typering van burgemeester Job Cohen bovenin het Waaggebouw op de Nieuwmarkt. Ze is oprichtster samen met Caroline Nevejan en directeur van wat aanvankelijk de Maatschappij voor Oude en Nieuwe Media heette, en tegenwoordig de Waag Society.

Marleen Stikker is een spin in het web van de Amsterdamse multimediawereld en opgenomen in het establishment. Mijn aandacht is verplaatst van het creëren van een stadscultuur op internet naar hoe de echte stad beleefd wordt en de rol van de media daarin.

Dat leidde bijvoorbeeld tot de Verhalentafel, een multimedia-meubel waarmee ouderen herinneringen kunnen ophalen en bewaren.

In konden bewoners van het Twiskehuis in Amsterdam-Noord er kennis mee maken en inmiddels staan er ruim 75 exemplaren van het prijswinnende object overal in Nederland. Zo heeft de Waag Society, meestal samenwerkend met andere organisaties, tal van projecten voor gezondheidszorg, cultuur, samenleving, onderwijs en duurzaamheid.

Ruim 50 mensen werken er. Sinds een jaar of drie is er een filiaal in Pakhuis de Zwijger aan de Oostelijke Handelskade. Daar zit het Mediagilde, een broedplaats voor veelbelovende starters op multimediaal gebied. En een tweede filiaal, het futuristische gebouw Dutchdock, in de vorm van een schip op de helling op het NDSM-terrein, staat op de tekentafel. Een kwart eeuw stadsvernieuwing heeft de Bijlmer onherkenbaar veranderd. De helft van de hoogbouw is gesloopt.

Veel dreven zijn verlaagd. De Bijlmer krijgt de trekken van een gewone stadswijk met een vleugje Vogelaar. Hij schildert op deze zomerse dag enkele kasten voor zijn deur in de Bijlmer. Vrienden waarschuwden hem voor criminaliteit toen hij vorig jaar zijn studio in de flat Kruitberg betrok. Het is echt een verouderd beeld dat de Bijlmer lang blijft achtervolgen. Nu op de stoep voor zijn nieuwe studio.

Wie midden door de Bijlmer loopt, raakt onherroepelijk onder de indruk van de veranderingen. Enkele bekende honingraatflats zijn grondig gerenoveerd. Zelfs de grootste pessimisten beginnen verliefd te raken op de veelbekritiseerde flats.

De buurt met de behouden hoogbouw wordt nu het Bijlmermuseum genoemd. De geschiedenis van 25 jaar Bijlmervernieuwing laat zich in enkele trefwoorden samenvatten: Het begint in Na een lange dronkenmanstocht staat de Bijlmer aan het ravijn. De criminaliteit is hoog, het imago slecht, de leegstand groter dan ooit. Een kwart van de Woningcorporatie Nieuw Amsterdam dreigt bij gebrek aan huurpenningen failliet te gaan.

Vrijwel niemand wil in de Bijlmer wonen. De Amsterdamse middenklasse verhuist nog liever naar Almere. De Bijlmer wint alleen nog aan populariteit onder junks, weggejaagd van de Zeedijk die zojuist is schoongeveegd. Het stadsbestuur en de woningcorporatie zoeken midden jaren tachtig naar een structurele oplossing. In navolging van de beruchte flat Gliphoeve worden ook andere flats opgeknapt. Diverse woningen worden gesplitst, de lange galerijen worden onderbroken en de grijze gevels krijgen een vrolijk kleurtje.

En er wordt vergaderd, héél veel vergaderd. De vernieuwing is volgens hem ernstig vertraagd door de vorming van de logge woningcorporatie Nieuw Amsterdam in en de stadsdeelraad Zuidoost in Al dat geleuter maakt de wijk niet noodzakelijk beter.

De Bijlmer is nog meer dan andere wijken op rapporten gebouwd. Het duurt tot voordat de gemeenteraad, het stadsdeel en de woningcorporatie besluiten wat in voor het eerst is geopperd: De Bijlmer kan alleen tot een sociaal veilige wijk worden gesmeed als een deel van de anonieme hoogbouw wordt vervangen door eengezins- en portiekwoningen.

Deze visie wordt vastgelegd in het rapport De Bijlmermeer blijft, veranderen en nader uitgewerkt in het rapport Werk met werk maken Na negen jaren van woorden volgen in daden. Eerst begint de renovatie van de flat Hoogoord en later in dat jaar start de sloop van de flat Geinwijk en enkele omringende parkeergarages. Twee jaar later gaat ook de flat Gerenstein tegen de vlakte. De nieuwbouw volgt relatief snel. Tussen en trekken de bewoners in hun nieuwe woningen in Nieuw Geinwijk en Nieuw Gerenstein.

Juist rond de tijd dat zijn levenswerk wordt afgebroken, ontvangt Bijlmer-ontwerper Siegfried Nassuth een belangrijke oeuvreprijs. In het openbaar houdt hij zich stil. Behalve flats en garages wordt ook de Bijlmerdreef afgebroken. Deze hooggelegen weg wordt een gewone laan; de vele viaducten worden gewone kruispunten. Hoewel de sloop van de oude flats de meeste aandacht krijgt, heeft de afbraak van de dreef goed beschouwd de meeste impact op de wijk.

Voetgangers mengen zich voortaan met automobilisten. De functionele stad die de stedenbouwkundigen in de jaren zestig bedachten, krijgt de trekken van een Vinex-wijk. Rond de eeuwwisseling wordt besloten dat nog eens een kwart van de hoogbouw wordt vervangen door nieuwbouw.

De afspraken worden vastgelegd in het Finale plan van aanpak Mensen wonen nu in herkenbare buurtjes. Ze ontmoeten elkaar op straat, leren elkaar kennen, organiseren buurtfeestjes. Ik loop er met veel plezier rond. Het is ontzettend mooi geworden. Wie nu van buurt naar buurt loopt, ziet meer werk in uitvoering dan je zou mogen verwachten in een wijk die volgens het Finale plan in klaar zou moeten zijn.

Er wordt in de zomer van gesloopt bij Egeldonk, gebouwd langs de Bijlmerdreef, bestraat in Evergreen, eindelijk gewerkt aan het winkelcentrum bij Kraaiennest en veel vergaderd over de toekomst van Kleiburg.

Er is kortom nog enorm veel werk te doen. De laatste sloopflats gaan volgend jaar tegen de vlakte en de helft van de 7. De deadline is dan ook verschoven van naar Stadsvernieuwer Verhagen, die na de Bijlmer de succesvolle transformatie van het Westerpark leidde, meent dat de vernieuwing van de Bijlmer sneller had gekund. Hij ziet in de de wijk beslist mooie dingen gebeuren.

Ik kan me niet voorstellen dat ik vijftien jaar in die slooprotzooi had moeten wonen in afwachting van betere tijden. Het duurt echt allemaal veel te lang. Het verbaast me dat in al die jaren niemand in het stadsbestuur is opgestaan met de boodschap: Dit loopt uit de klauwen.

Stadsdeelwethouder Verdonk verwerpt de kritiek: Soms kan het gewoon niet sneller. Ook in de Bijlmer draaien veel partijen aan de knoppen: Het proces dat daarop volgde, had gewoon zijn tijd nodig.

Voorstanders van de oude Bijlmer bleven zich ook binnen de politieke partijen lang roeren. De wethouder herinnert zich een periode van drie maanden waarin avond na avond werd vergaderd. Fouten in de besluitvorming zijn door kritische bewoners aangegrepen voor lange juridische procedures. Het is volgens haar naïef te denken dat de Bijlmer sneller had kunnen worden vernieuwd, al begrijpt ze het actuele ongeduld van bewoners over de trage totstandkoming van het nieuwe winkelcentrum bij Kraaiennest en de slepende gesprekken over de flat Kleiburg.

Wat ik lastig vind, is dat sommige bewoners de bouwput gedurende lange tijd bijna letterlijk om hun flat zien trekken. Voor die mensen moeten we ons stinkende best doen zo snel mogelijk te werken.

De vernieuwing mag dan trager verlopen dan menigeen wil, de resultaten zijn beslist bemoedigend. De drugsoverlast ligt sinds op het niveau van heel Amsterdam, blijkt uit de Bijlmermonitor die onderzoekers begin in opdracht van het stadsdeel publiceerden. Verslaafden zwerven niet langer in groten getale over straat. Het aantal aangiftes van strafbare feiten is sterk gedaald. Niet dat overal de zon schijnt. De prostitutie marktplaats van de Benelux". Home seksbedrijven privehuis rotterdam.

Veilig afspreken Kinkyplay Webcam bordeel Hookers. Profiel Foto's Video's Mail ons Recensies. Telefoonnummers van adverteerders op Kinky worden altijd gratis getoond. Huize Marleen - Privehuis met klasse - Dames altijd welkom 31 maart. U wordt warm en vriendelijk ontvangen door de gastvrouw met een kopje koffie of een frisdrankje. In alle rust maakt u in onze ontvangstkamer een keuze tussen de dames. Ervaar met hen een echte vriendin-ervaring, mogelijkheden voor intiem, frans, zoenen, hand-massage en erotische massage.

Of kom heerlijk relaxen in ons 4-persoons Bubbelbad en genieten van één of meerdere dames. Elke dag open van 12 tot 22 uur. Je kan ook bellen en een afspraak maken, ongeacht het tijdstip.

Vijverhofstraat a in Rotterdam, vijf minuten vanaf het centrum. Openingstijden Maandag van Bekijk hier onze dames: Estefania 24cm Privé Ontvangst.